Student ROC van Amsterdam Flevoland

De online docent!

We hebben afgelopen weken allemaal kunnen ervaren hoe het is om alles online te moeten doen. We merken dat het vermoeiend is om de hele dag achter een scherm te zitten en dat je het persoonlijke contact, samen lolletjes hebben, voelen hoe het met iemand gaat, enorm mist. Veel docententeams hebben een eigen weg gevonden in het online onderwijs. Zo kiest de een voor korte lessen van een half uur waarin vooral een moeilijk concept uitgelegd wordt aan een hele klas, gevolgd door het geven van huiswerk om te verwerken/oefenen. Een ander kiest juist voor grotere blokken van twee uur waarin theorie, opdrachten, groepswerk en spelletjes verwerkt worden. Dit is overigens wel een beetje afhankelijk van de tool die je gebruikt. Er zijn ook teams die inzetten op het online plaatsen van alle theorie, video’s met uitleg van de docent, samenwerkingsopdrachten en persoonlijke leerpaden in een digitale leeromgeving. De ‘live’ contacten zijn dan vaak met kleine groepjes studenten en hebben meer een coachend en probleemoplossend karakter. Er zijn teams die die digitale leeromgeving al jaren keurig op orde hebben, die kunnen nu veel rustiger aan de slag met differentiëren en coachen.

Het mbo – dynamisch en divers!!

Al die verschillen zijn tekenend voor het mbo, waarin zoveel verschillende beroepsgroepen, culturen, niveaus en achtergronden (van studenten EN van docenten) samenkomen. Per situatie moet je op zoek naar de best passende oplossing en die is niet in twee weken gevonden. Daarom is er ook niet 1 perfect recept, maar omdat er toch best veel vragen bij ons binnenkomen over hoe je een online module kunt opbouwen, beschrijf ik hier een voorbeeldje van hoe je dat zou kunnen aanpakken.

Jezelf opnieuw uitvinden

Didactisch gezien moet je als docent op een of andere manier een beetje opnieuw beginnen, al je gewoontes en manieren hebben nu een ander effect, een slecht voorbereide les blijkt online drie keer zo verkeerd uit te pakken. Het lijkt wel alsof het alles vergroot. Een didactisch sterke docent zal het waarschijnlijk als online docent ook wel goed doen voor de meeste studenten, maar loopt wellicht het risico om bepaalde studenten ‘kwijt te raken’ als hij niet voldoende tijd neemt voor ‘relatie’ en gebbetjes. Een docent die in het dagelijks leven veel aandacht besteedt aan persoonlijke, individuele contacten met studenten merkt dat dat in online klassenverband niet werkt, de rest van de klas haakt online sneller af. Je moet leren om die momenten apart in te plannen met studenten die dat nodig hebben.

Wat is wel handig?

Stel even dat we bij nul beginnen. Dat is natuurlijk niet zo, maar stel. En lesperiode vier komt eraan, voor je niet-examenklassen (1e of 2e jaar). Wat kun je dan als docent doen? Ik zou denk ik het kwalificatiedossier pakken en bedenken wat er echt prioriteit heeft, wat ‘moet’ of ‘kan’ ik dit jaar met de klas nog bereiken en waarom is dat belangrijk? Misschien wijkt dat, door omstandigheden, af van wat ik normaal in periode vier zou doen, misschien doordat er stof gemist is in periode drie, of omdat een bepaald project nu beter voorrang kan krijgen omdat stages niet doorgaan, of omdat ik een flinke achterstand zie bij (een deel-) van mijn studenten. Als ik een beeld heb voor mijn eigen vak, is het slim om aan mijn collega’s te vragen hoe dit bij hen zit, misschien moet er wel veel meer aandacht besteed worden aan een ander vakgebied en kan ik juist daarbij helpen. Het kan ook zijn dat er een nieuwe invulling nodig is omdat er een stageperiode gemist wordt of omdat de studenten niet kunnen werken. Hoe kunnen we voorkomen dat studenten uiteindelijk enorme vertraging oplopen? En tegelijk reëel blijven in wat je van hen kunt vragen op dit moment.

Online is een kans, niet een probleem!!

Zie het onlineonderwijs verzorgen als een kans, niet als een probleem. Neem jouw kennis als docent als uitgangspunt, niet het boek of de lesmethode. En kijk naar jouw studenten, wat hebben zij nodig aan begeleiding en aan kennis/vaardigheden om goed door te kunnen op een straks (na deze crisis) wellicht andere arbeidsmarkt? Als jij dit goed voor ogen hebt, dan kun je dit ook goed met je studenten bespreken. Vandaaruit kun je een ‘nieuw beginnetje’ maken als dat nodig is.

Beschrijf het leerdoel zo helder en concreet mogelijk, rekening houdend met de situatie dat het haalbaar moet zijn zonder praktijklokaal of bedrijf. Redeneer dan terug hoe je daar wilt komen in de periode die je hebt. Ik vind het altijd handig om daar het ‘Playbook voor blended ontwerpen’ (2BLearning) bij te gebruiken:

Introductie en activatie

Kortom, hoe ga je dit onderwerp/project/vraagstuk aan jouw studenten introduceren. Wat is de urgentie voor hen, waarom zouden ze zich hiervoor moeten inzetten? Hoe ga je hen actief betrokken krijgen? Maak duidelijk wat dit hen gaat opleveren, ook voor hun eigen CV straks. Waarom is dit belangrijk als ze in de toekomst gaan werken, of wat hebben ze er juist nu aan? Waarom heb jij als docent voor dit leerdoel gekozen? Hebben jouw studenten ook inspraak in de aanpak, zijn er keuzes?

Zorg dat je dit stukje met hen bespreekt maar maak ook een filmpje, bijvoorbeeld met je telefoon, waarin je dit uitlegt aan studenten die niet aanwezig waren bij de les of het later nog eens terug willen bekijken. Je kunt ook een PowerPoint inspreken, maar jouw oprechte en welgemeende introductie zal krachtiger overkomen in ‘vlogstijl’ (zet wel je telefoon/camera op een statief of laat iemand anders je filmen?).

Instructie (inhoud EN proces!!)

Dan komt de instructie en dat is nu, online, misschien wel het allerbelangrijkst. Mijn advies is dat je de instructie EN goed uitwerkt ‘op papier’ (oftewel aanbiedt in een PDF), EN er echt een goede online synchrone les aan wijdt. Maak duidelijk wat en hoe, met een planning, wat wanneer opgeleverd moet worden, welke tussenstappen er zijn en waar ze de benodigde bronnen kunnen vinden etc. Maak ook een helder onderscheid tussen product (wat levert het op, wat kunnen/weten studenten, wat is het eindproduct en (hoe-) mag dat individueel verschillen, wat is de bandbreedte) en het proces (de weg ernaartoe, hoe heb je je ingespannen, je talenten ingezet, eventueel samengewerkt etc). Stel het proces centraal en stem jouw begeleiding vooral daarop af. Maak het niet te groot, wel helder.

Groepswerk

Als er in groepjes gewerkt gaat worden (in deze tijd met de juiste doelgroep wel zo handig), maak dan van tevoren een goed overzicht hoe dat groepswerk eruit moet zien. Een groep is nooit vanzelfsprekend ook een team en samenwerken moet je leren. Als jouw studenten daar nog niet heel goed in zijn, dan hebben ze jouw hulp nodig om gebruik te maken van elkaars kwaliteiten en daarvan te leren en om mee-liften te voorkomen. Als je als docent niet paraat hebt hoe je dat het best kunt aanpakken, zoek dan nog even wat artikelen op over groepswerk en peerfeedback.

Een mooie activiteit zou kunnen zijn om je studenten zelf eerst regels met elkaar op te laten stellen over hoe ze met elkaar willen samenwerken (kort en krachtig met een Padlet bijvoorbeeld), welke valkuilen er zijn en hoe ze die met elkaar gaan voorkomen. Laat hen in hun eigen groepje bespreken welke skills ze zelf willen inzetten of juist leren tijdens het groepswerk en laat hen dit op ‘papier’ zetten (richt voor elke groep bijvoorbeeld een kanaal in, in Teams of een samenwerkgroep in je DLO). Spreek helder af wanneer jij dit bekijkt en er feedback op geeft, zo mogelijk plan je daar per groepje een online moment voor af om samen te bespreken. Ze kunnen dit document ook als opdracht inleveren. Het lijkt misschien veel werk maar bij een groep die niet gewend is om goed samen te werken is dit moment goud waard!

Demonstratie, verwerking en toepassing

Probeer de opdracht zo te formuleren dat demonstratie, verwerking en toepassing op afstand gevonden en gedaan kunnen worden, liefst zonder jouw hulp. Dit stuk is natuurlijk enorm afhankelijk van de doelstellingen op product en procesniveau.

Feedback en assessment

Het zou mooi zijn als het mogelijk is om feedback en assessment in de vorm van peer-feedback en peer-assessment te gieten. Afhankelijk van de opdracht en de ervaring van de studenten (is er een ‘feedback cultuur’ of niet?) hebben ze daar in ieder geval hulp van jou bij nodig. Dit kun je doen met een rubric of een lijstje met criteria. Oefen tijdens een online les met studenten om elkaar feedback en feedforward te geven op inhoud en proces. Vraag hen wat zij fijn vinden aan feedback en wat niet. Focus daarbij op de feedback gever en niet op de ontvanger. Dit soort dingen kun je allemaal met Padlet of Linoit of een andere brainstormapp doen, wissel daar niet steeds in maar kies er eentje uit!

Verdiep je inhoudelijk evt. in peerfeedback door bijvoorbeeld deze fragmenten van expert Esther van Popta te bekijken.

Reflectie

Afhankelijk van het onderwerp en de tijd, zou je de reflectie van studenten kunnen gebruiken voor het formuleren van een eindwaardering. In dat geval plaats je dus het opleveren van het ‘product en de peerfeedback’ wat eerder in de tijd zodat de reflectie eigenlijk de afronding is. Liefst natuurlijk weer in een online live moment, bijvoorbeeld in kleine groepjes (wellicht andere groepjes dan in het groepswerk). Heb je geen tijd om dit in te plannen, dan kunnen je studenten ook een reflectie inspreken (whatsapp, Audacity) waarin ze ingaan op hun eigen rol en leerproces (zorg dat zij weten op welke punten en hoe zij moeten reflecteren). Flipgrid is ook een mooie en veilige tool om hiervoor te gebruiken, de studenten maken dan een eigen vlogje dat zij inleveren. Vergeet niet om hier als docent nog wel persoonlijk op te reageren, liefst in dezelfde vorm?).

Plan nu alle (online-) momenten alvast in in de agenda’s van jezelf en van je studenten of laat hen dit zelf doen. Plan ook vragenmomentjes in (online of offline). Lees ook deze 10 tips voor een geslaagde online les (Menno Woudt) en dit artikel ‘Maak je online lessen nog afwisselender’ van Ashwin Brouwer.

En dan, genieten maar!! En realiseer je dat je deze geweldige online module in de toekomst vaker kunt gaan inzetten, maar dan ter afwisseling en niet uit noodzaak!